Home » Posts tagged 'Innovatie'

Tag Archives: Innovatie

Kennis krijgt Kracht

Innoveer met succes: betrek de ‘klant’

Samenwerking tussen onderwijs, overheid en ondernemers met als doel op een bepaald terrein nieuwe stappen te zetten heeft meer kans van slagen wanneer de direct betrokken partij, de ‘klant’ deel uitmaakt van het overleg.

Het recent verschenen, uitstekende, rapport Verkenning technologische innovaties in de leefomgeving (januari 2015) van de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur pleit voor een grote betrokkenheid van de burger bij het realiseren van technologische ontwikkelingen. Zoals de naam van het rapport al aangeeft gaat het om innovaties die een grote impact kunnen hebben op de directe leefomgeving. Dan lijkt het logisch de (in dit geval) burger daar bij te betrekken maar het gebeurt vaak dat overheden inhaken op nieuwe ontwikkelingen zonder daarbij voldoende rekening te houden met wat dit betekent voor de burger, en welke invloed het heeft.

Onderzoeksresultaten

Vaak wordt de klant ‘vertegenwoordigt’ middels resultaten van uitgebreide onderzoeken. Dat is wel voldoende om een beeld te krijgen van de status quo. Maar het uitwerken van voorstellen en ontwikkelingen brengt weer nieuwe inzichten naar voren waarop de burger (of maatschappelijke organisaties die de burger vertegenwoordigen) ook weer zal willen reageren. Interactiviteit bevordert het proces van acceptatie, meer nog dan het eenzijdig ontwikkelen van plannen. De acceptatie is hoger omdat men voelt dan er rekening wordt gehouden met de mening van zichzelf als ‘klant’. Met ‘klant’ kunnen natuurlijk vele andere soorten van belanghebbenden worden bedoeld.

Acceptatie van produkt

Als het gaat om acceptatie door de ‘klant’ is het belangrijk dat het resultaat past in de belevingswereld, dat het voorziet in een behoefte en dat het technologisch in orde is. Maar vaak gaat het verder dan dat. Het heeft vaak invloed op wat men belangrijk vindt. Belangrijk in de zin van wat men van zichzelf wil prijsgeven, hoe men met elkaar omgaat, waaraan men prioriteit geeft.

Rekening houden met

In bovenstaande rapport worden een aantal ‘zachte’ factoren genoemd die niet alleen betrekking hebben op innovaties in de leefomgeving maar generiek van toepassing zijn:

  • Zo zijn waarden die belangrijk zijn voor burgers aan verandering onderhevig. Onze waarden (enkele voorbeelden zijn: veiligheid, gelijkheid, creativiteit, beleefdheid) zijn geen vaststaand gegeven: ze worden beïnvloed door het dagelijks leven en door het gebruik van technologieën. Mensen en technologie vormen elkaar over en weer.
  • Door technologische veranderingen veranderen waarden ongemerkt soms sneller dan waarmee rekening wordt gehouden. Zo is het heel gewoon geworden een nieuw account aan te maken bij weer een andere aanbieder terwijl kortgeleden daarmee onze privacy in het geding zou komen.
  • Ook komen er morele vragen aan de orde die debat tussen partijen noodzakelijk maken. Introductie van nieuwe technologieën resulteert vaker in langdurige discussie over de invloed op onze waarden dan voorheen, ook weer dankzij nieuwe technologieën (sociale media) zelf.
  • Verder moet er worden nagedacht over het effecten van technologische ontwikkelingen op de ruimtelijke ordening en infrastructuur. De OV-chipkaart regelt niet alleen het betalen van een reis van A naar B maar ook toegang tot perron’s en daarmee de inrichting van stations.
  • Tenslotte zijn transparantie, toegankelijkheid en privacy fundamentele waarden die, los van welke ontwikkeling dan ook, door de overheid gewaarborgd moeten worden.

Schaliegas

Denk bij alle bovenstaande factoren maar eens aan de discussie rondom winning van schaliegas. Enerzijds is de energie die met schaliegas wordt gewonnen belangrijk voor de economische ontwikkeling. Anderzijds heeft het een enorme impact op de leefomgeving, zeker als het bij jou in de ‘achtertuin’ wordt gewonnen. Het laatste woord is hier zeker nog niet over gezegd.

Invloed technologische ontwikkelingen

Een aantal van bovengenoemde factoren spelen alleen in dit voorbeeld. Maar de meeste van zijn van toepassing op allerlei gebied: gezondheidszorg, voeding, mobiliteit, energie, innovatie, leefbaarheid, enz.

Bovengenoemd rapport Verkenning technologische innovaties in de leefomgeving heeft een aantal thema’s verder uitgediept. Er wordt uitgebreid stilgestaan bij de invloed van innovaties doorbraaktechnologieën op het terrein van gezonde voeding, slimme gebouwen en efficiënte mobiliteit.

Triple Helix wordt Quadruple Helix (QH)

In de literatuur wordt overleg en samenwerking tussen vier partijen al gauw QH genoemd. Maar verschillende studies geven aan dat er geen eenduidigheid is over wie de vierde partner is. De kern blijft dan ook het Triple Helix model waarbij, afhankelijk van het onderwerp of probleem, de ‘klant’ als vierde partij kan worden toegevoegd.

Startups in een digitaal Europa

Van de Europese Commissie is een e-book verschenen met daarin visies over de toekomst en de betekenis van het digitale tijdperk voor Europa. Het boek ‘Digital Minds for a New Europe’ is samengesteld door de eerdere Eurocommissaris voor de Digitale Agenda, Neelie Kroes. Het bestaat uit 46 bijdragen van evenzoveel autoriteiten op het gebied van digitale thema’s.

Onderstaand een zeer globaal overzicht van de onderwerpen die behandeld worden. Zo kun je zien of er iets van je gading in staat wat interessant is om verder te lezen.  De onderwerpen zijn in zes categorieën verdeelt.

Visies op digitale wereld

Uiteraard behandelt het document een aantal brede visies over het belang van de digitalisering in z’n algemeenheid, het belang daarvan voor Europa, welke nieuwe mogelijkheden er ontstaan en hoe bijv. onderwijs en de maatschappij vorm krijgen in het digitale tijdperk.

Ontwikkeling van het Internet zelf

Er wordt gekeken naar de ontwikkeling van het Internet zelf als platform. Daarbij wordt gesproken over Internet of Things (ook wel Internet 4.0) of Internet of Everything. Ook wordt gekeken naar het bestuur over het Internet in de toekomst. Het internet zorgt voor connectiviteit of zelfs ‘total connectivity’. Er wordt gekeken naar de impact daarvan op de samenleving.

Overheid

In een Networked Society wordt ook de rol van de overheid anders. Te denken valt aan online overheidsdiensten, de impact van digitalisering op gezondheidszorg en uiteraard onderwijs. Het digitale tijdperk heeft ook invloed op (het vormen van) beleid. Regelgeving dient rekening te houden met een digitale samenleving. Straks spreken we over de e-overheid.

Smart Cities

Door de opkomst van Internet wordt er al lange tijd gesproken over Smart Cities. De ontwikkeling daarvan staat nog in de kinderschoenen. Te denken valt aan (het verbeteren van) transport, mobiliteit, gebruik van energie, ontwerp, bouw en inrichting van gebouwen (Rem Koolhaas), veilige en schone omgeving en interactieve landschappen (Daan Roosegaarde).

Digitale Technologieen en ontwikkelingen

De lijst is divers: cloud computing, high speed broadband, big data, mobile connectivity en cyber security. Digitalisering heeft invloed op allerlei terreinen: wetenschappelijk onderzoek, musea, het Human Brain Project (de hersenen worden digitaal in kaart gebracht), cognitieve systemen (bijvoorbeeld zelf rijdende auto’s) en de impact van e-commerce op wereldwijde handel. Ook op het menselijk aspect van de samenleving heeft digitalisering invloed: privacy, democratie, de maatschappij als geheel, toegang tot kennis, en onderwijs.

Innovatie, ondernemerschap en economie

De link naar ondernemerschap kan gelegd worden in de zin dat het bedrijfsleven behoefte heeft aan onderwijs dat naadloos aansluit aan aan dat wat bedrijven nodig hebben. Voor de groei van de economie is innovatie essentieël. Innovatie vindt plaats door disruptie van bestaande business modellen en processen. En de snelheid van disruptie neemt alleen maar toe dankzij digitalisering. Disruptie geeft vervolgens ruimte aan talloze digitale start-ups die weer een beter produkt kunnen leveren dan de bestaande bedrijven. Complete bedrijfstakken staan op de kop: bijv. overnachtingen (AirBnB) en taxi vervoer (Uber).

Connectiviteit geeft ook ruimte aan modellen die de deeleconomie stimuleren: “as dynamic sharing evolves, spectrum can be reused in smaller cells improving effectiveness a thousand times”. Met andere woorden: totale connectiviteit geeft de mogelijkheid op kleine schaal te organiseren waardoor middelen efficiënter kunnen worden gebruikt.

Plek Nederland binnen Europa

Nederland scoort hoog in Europa als het gaat om digitale startups. Activiteit op dit gebied scoort 6% hoger dan het europees gemiddelde. Hoog gekwalificeerd personeel in combinatie met de prioriteit die de overheid geeft aan ondernemerschap liggen hieraan ten grondslag. Hierover verscheen een artikel in Forbes.

Euromentors

Als het gaat om digitale startups staan we nog maar aan het begin. Euromentors is een nieuw initiatief vanuit Europa om een zakelijk mentor ecosysteem op te zetten voor digitale startups. Op die manier geeft Europa vorm aan het belang dat zij hecht aan digitale startups in het bijzonder. Euromentors helpt ideeën te genereren, biedt ondersteuning aan startups maar ook aan uitbreiding van activiteiten van al bestaande, kleine bedrijven. Kijk op de website voor meer informatie.

 

Auteurs: Bokova, Boni, Buhr, Busch, Castillo Vera, Celli, Cerf, Chambers, Chatterjee, Dentzel, Dijkgraaf, Donahue, Frackowiak, Furber, Gorenberg, Grech, Hed, Hoffman, Hoyer, Koolhaas, Kroes,  Lane-Fox, Lévy, Wei, Holl Lute, Markram, Meier, Mobed, Obermann, Pijbes, Ploss, Pollock, Puttnam, Van Rompuy, Roosegaarde, Schmidt, Schwab, Shields, Snabe, Sorrell, Terium, Van Thillo, Van Uffelen, Ben Verwaayen, Robert Verwaayen, Vῑke-Freiberga, Vogels

 

 

Groei versnellen: de stedelijke regio als uitgangspunt

In Groot-Brittannië publiceerde de City Growth Commission het rapport Unleashing Metro Growth. Het rapporteert over een onderzoek naar het belang van steden en stedelijke regio’s voor de economische groei. De conclusie is dat versterking van de rol van steden en stedelijke regio’s de groei van Groot-Brittannië als geheel kan versnellen. Ondersteunt dit rapport ook het idee van de superprovincies van minister Plasterk (die er overigens niet komen)?

Stedelijke regio’s al belangrijk

De commissie onderzocht 15 stedelijke gebieden in het Verenigd Koninkrijk. De stedelijke gebieden, inclusief voorsteden en omliggend gebied omvatten ongeveer zo’n 500,000 inwoners. Deze stedelijke gebieden worden gezien als de belangrijkste “driving force” voor economische groei en vooruitgang in een kennisgeoriënteerde en globale economie. Om aan die rol te kunnen voldoen moeten zij zich houden aan de economische wetten: concentreren en maximaliseren van productiviteit, maximale connectiviteit en het innovatieve en creatieve potentieel de vrije hand geven.

Doelstellingen

Niet alleen de economie krijgt een boost door aandacht voor de stedelijke regio. Andere doelstellingen en voordelen van een op de stedelijke regio gefocust beleid zijn:

  • Het op elkaar kunnen afstemmen van publiek en private investeringen;
  • Beter kunnen inspelen op opkomende, nieuwe technologieën in de regio;
  • Een inclusieve economie waarbij meer mensen uit de regio in de regio aan de slag gaan.

Hoe nog belangrijker?

Stedelijke regio’s dienen zowel fysiek als digitaal een optimale infrastructuur aan te leggen. Dit betekent optimale verbindingen voor alle manieren van fysiek transport om optimaal binnen de regio te kunnen reizen en goederen te transporteren. Dit is belangrijker nog dan het reizen tussen regio’s. Daarnaast is het belangrijk een digitale snelweg voor datatransport aan te leggen.

Universiteiten en hogescholen zijn essentieel voor opleiding. Het gaat dan om het aanbieden van opleidingen die in de stedelijke regio nodig zijn. En om optimaal te kunnen profiteren van die kennis is het belangrijk te investeren in manieren om studenten (zeg kennis) voor de regio te behouden.

Nog een stap verder gaat het idee dat regio’s meer zeggenschap krijgen zodat beleid optimaal kan worden aangepast aan wat nodig is in de regio. Zeggenschap over zaken als belastingen, financiering, budgetten, beleidsontwikkeling. Dit betekent verschuiving van macht vanuit het centrum van de landelijke politiek naar de (stedelijke) regio. In het Verenigd Koninkrijk is het beeld dat sommige steden en regio’s dit aankunnen maar andere zeker nog niet.

Welke stappen kunnen stedelijke regio’s ondernemen?

  • Zorgen voor goede informatie voorziening over economie en publieke sector. Dit lijkt voor de hand te liggen maar krijgt in de praktijk niet altijd de aandacht die het nodig heeft;
  • Het op elkaar afstemmen van beleid op het gebied van transport en huizenbouw;
  • Onderwijs gericht inzetten om vaardigheden die in de regio nodig zijn, te ontwikkelen;
  • Ontwikkeling van hoger onderwijs. Naast onderzoek en onderwijs zorgt goed onderwijs in de regio ook voor innovatie, nieuwe banen, investeringen en het aantrekken van talent van buiten, indien nodig. Investeringsfondsen voor onderzoek en onderwijs hebben een positieve invloed op lokale groei. En regio’s moeten initiatieven nemen om studenten te matchen met werkgevers.

Devolutie

Een nieuwe term voor mij en misschien voor sommige lezers. Dit betekent het afstaan van macht (in goed overleg) van centraal orgaan naar de stedelijke regio. Alleen op die manier kan de politiek op de juiste manier, en sneller, inspelen op (globale) ontwikkelingen die impact hebben op de regio. Het rapport pleit voor devolutie daar waar noodzakelijk maar alleen wanneer de regio er klaar voor is.

De regio krijgt meer autonomie, moet ‘governance’ opbouwen, beleid ontwikkelen, zichzelf kunnen evalueren en een visie ontwikkelen hoe de regio verder economisch te ontwikkelen en hoe de bovengenoemde aspecten in te vullen.

Superprovincie

Dit rapport draagt bouwstenen aan voor verdere ontwikkeling van stedelijke regio’s en steden. Dezelfde bouwstenen kunnen ook worden ingebracht wanneer het gaat om regionale ontwikkeling. Uiteindelijk gaat het om het ontwikkelen van een visie die de stad, stedelijke regio of regio vorm geeft naar de toekomst.

Hebben we het hier over de superprovincie waar Plasterk het over had? Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat die exercitie vooral ging over het besparen van kosten van het ambtelijk apparaat. Kennelijk ontbrak een visie waardoor de provinciebesturen niet konden worden overtuigd van het nut van samenvoeging. Maar een zekere schaalgrootte en concentratie zoals in stedelijke gebieden leidt wel degelijk tot innovatie en groei.

23 innoverende technologieën – een blik op de wereld in 2022

De IEEE Computer Science Society in Amerika publiceerde een rapport (2022Report IEEE) over hoe onze wereld er uit kan zien in 2022 wanneer de verwachtingen voor wat betreft 23 technologieën uitkomen. Gezien de bron spreekt het voor zich dat de focus met name ligt op ICT gerelateerde innovatie trends. Maar dat maakt het niet minder interessant te lezen hoe elk van deze technologieën een impact gaat krijgen of al heeft op de samenleving.

Snelle ontwikkelingen

2022 lijkt ver weg maar is eigenlijk redelijk dichtbij. Het rapport is dan ook geen visie voor de echt lange termijn maar wordt door de Society ook gebruikt voor het bepalen van hun organisatie. Aan de andere kant gaan de ontwikkelingen in dit vakgebied zo snel dat de horizon voor voorspellingen niet te ver in de toekomst kan liggen. Over een jaar kan bij veel van de besproken technologieën de vlag er weer heel anders bij staan.

Een van de doelstellingen van het rapport is om de leek – het publiek – te helpen begrijpen hoe deze technologieën invloed hebben of gaan krijgen op de maatschappij. Daarom zijn het niet alleen technologieën in de strikte zin van het woord maar ook ontwikkelingen als gevolg van ICT die in het overzicht zijn meegenomen. Bijvoorbeeld MOOC’s op het gebied van Human Capital, Open Intellectual Property op het gebied van beleid en Life Sciences als een marktsegment met een hoge behoefte aan innovatieve technologieën. De totale lijst van 23 technologieën staat aan het eind van dit artikel.

Bij elke technologie omschrijven de auteurs de huidige ‘State-of-the-Art’, uitdagingen waarvoor wetenschappers staan, op welke manier men verwacht de techniek zich zal ontwikkelen, de risico’s die van invloed kunnen zijn en tenslotte een samenvatting van de verwachtte stand van zaken in 2022.

Aanjagers en disrupties

Ook is een groot aantal leden van de Society gevraagd welke factoren zij een driver vinden voor veranderingen en welke factoren een disruptor. Hieronder een overzicht van de top-5 (volgens de leden) in beide categorieën. De antwoorden in de categorie disruptors komt wat verwarrend over. Wat een driver lijkt (bijv. Cloud Computing) wordt als disruptor naar voren gebracht. Dit heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat deze disruptors mogelijk als bedreigend worden gezien voor de werkgelegenheid in de samenleving.

Driver top-5

  1. Use of technology for medical procedures
  2. Wireless/broadband connectivity
  3. Desire for sustainable energy resources
  4. Use of big data and an
  5. Long-term availability of certain energy sources

Disruptor top-5

  1. Use of robots as source of labor
  2. Use of 3D printing
  3. Cloud computing
  4. MOOC’s
  5. New user interfaces

2022

In grote lijnen voorspelt het rapport voor 2022 dat computer apparatuur beschikbaar zal zijn van nano tot mega schaal, met optimale netwerk mogelijkheden die ervoor zorgen dat iedereen toegang kan krijgen tot een breed scala van geïntegreerde diensten. Er ontstaat een ecosysteem dat continu mogelijkheid biedt tot verdere verbetering van productiviteit, samenwerking en toegang tot kennis en informatie. En dat dit niet alleen toegankelijk is via een toetsenbord maar ook via allerlei zintuigen, spontaan en met behulp van nieuwe ‘human computer interfaces’.

De maatschappij bepaalt

De auteurs realiseren zich terdege dat deze 23 technologieën ‘enablers’ zijn. Met andere woorden: het voordeel van de uitrol van innovatieve trends wordt uiteindelijk bepaald door wat de maatschappij er zelf van maakt. De maatschappij staat voor de uitdaging om technologieën die voordelen opleveren te ontwikkelen zonder het recht op privacy van mensen aan te tasten. De snelheid waarmee nieuwe ontwikkelingen ons voordeel opleveren hangt af in hoeverre beleid en regels op dat gebied mee ontwikkelen. Het is aan de maatschappij om de voordelen van technologieën op de best mogelijke manier om te zetten in een veelvoud (leverage) van voordelen voor de maatschappij. Technologie is volgens de auteurs niet iets op zichzelf staand. Het vormt de maatschappij maar de maatschappij heeft ook invloed op de ontwikkelingen van de technologieën.

23 innoverende technologieën

Policies: Security Issues, Open Intellectual Property, Sustainability

Human Capital: Massively Online Open Courses

Technologies: Quantum Computing, Device and Nanotechnology, 3D Integrated Circuits, Multicore, Photonics, Universal Memory, Networking and Interconnectivity, Software-Defined Netwoks, High-Performance Computing, Cloud Computing, Internet of Things, Natural User Interfaces, 3D Printing, Computer Vision and Pattern Recognition, Machine Learning and Intelligent Systems, Big Data and Analysis

Marktsegment: Life Sciences, Computational Biology, Medical Robotics

 

 

MKB profiteert van Technologische Top Instituten

Op 4 april heeft minister Kamp de kamer geïnformeerd over de toekomst van de Technologische Top Instituten (TTI). De idee is haar succesfactoren (als daar zijn: gezamenlijke agenda, organiserend vermogen, meerjarig onderzoek, kenniscirculatie, betrokkenheid en netwerkfunctie, zowel nationaal als internationaal) te behouden voor, en in te bedden in de reguliere kennisinfrastructuur.

Met name het MKB zal gaan profiteren. Zij beschikken normaliter over onvoldoende menskracht om een rol van betekenis in TTI’s te spelen. Maar zij hebben wel behoefte en toegang tot de kennis zoals aangeboden in de bestaande kennisinfrastructuur.

TTI’s zijn altijd gepositioneerd als tijdelijk fenomeen ter bevordering van kennisuitwisseling, en daarmee innovatie en groei. Dat heeft zijn weerslag in de financiering van TTI’s (van tijdelijke aard) maar daarmee helaas ook in het (gebrek aan) vertrouwen vanwege de onzekere toekomst. Met het inbedden in Topconsortia voor Kennis en Innovatie (TKI) kiest de regering voor een duurzame oplossing voor kennisontwikkeling, samenwerking, valorisatie, innovatie en groei.

Hieronder een samenvatting van de te nemen stappen zoals die vanuit de TTI’s zijn aangedragen om een geslaagde overgang naar de bestaande kennisinfrastructuur te maken.

  1. Meer MKB – Er komen duidelijk meer mogelijkheden voor innovatieve MKB bedrijven binnen de topsectoren. Juist het MKB is cruciaal voor innovatie en dus de versterking van de Nederlandse economie. Tweederde van de bedrijven in TKI’s zijn MKB bedrijven. Zij zullen via de bestaande kennisinfrastructuur beter toegang krijgen tot de expertise die is opgedaan in de TTI’s. Men zal profiteren van kenniscirculatie en betere toegang krijgen tot kennisinstellingen.
  2. Centrale rol Topconsortia voor Kennis en Innovatie – De Topconsortia voor Kennis en Innovatie vervullen een centrale rol als programmerende eenheden. Zij voeren activiteiten uit zoals het bijeenbrengen van partners uit de TTI’s, kenniscirculatie en valorisatie. Hierin wordt ook met name het MKB betrokken. Verder wordt gekeken naar Europese samenwerking. Er wordt volop gebruik gemaakt van de opgebouwde expertise en netwerken binnen de TTI’s. Door meer instroom van private R&D budget zal onzekerheid rondom financiering van publiek-private samenwerking afnemen. Daarnaast zijn afspraken gemaakt over intellectueel eigendom, fundamenteel versus toegepast onderzoek en zijn ‘best practices’ vastgesteld.
  3. Herschikking onderzoeksthema’s – Sommige sectoren zullen lopende onderzoeken meer gaan bundelen, andere zullen het aantal onderzoeksthema’s uitbreiden, en weer andere blijven op dezelfde voet doorgaan. Maar door nieuwe verbindingen aan te gaan, ontstaan nieuwe kansen en innovaties, ook voor bedrijven die zich over sectoren heen bewegen. Een voorbeeld van deze herschikking is de samenvoeging van de MKB loketten van de Sectoren Energie en Chemie. In de praktijk blijkt een dermate overlap dat het niet meer dan logisch is de kennis uit beide sectoren vanuit één loket aan te bieden.
  4. Internationaal – Er wordt ook over de grens gekeken. Aansluiting bij Europese onderzoeksprojecten is een van de redenen dit te doen. Maar er wordt uiteraard ook toegewerkt naar bronnen van financiering vanuit Europese hoek. De denken valt aan het nieuwe programma Horizon 2020. En door internationale aanwezigheid (kijk naar de aanwezigheid van de HTSM sector op de recente Hannover Messe) blijft Nederland ook uitdrukkelijk in beeld als grote speler op internationaal niveau, voor het oplossen van problemen op globaal niveau.
  5. Andere overheden en regio’s – Er wordt ook uitdrukkelijk gekeken naar samenwerking met andere overheden (ministeries, Europese overheid) en naar samenwerking met andere regio’s.
  6. Het instrumentarium – Er zal worden gekeken hoe op de meest effectieve manier kan worden samengewerkt. Welke samenwerkingsmodellen werken en sluiten goed aan bij de behoefte van de partners? Dit instrumentarium wordt steeds uitgebreid en aangepast. Te denken valt aan: termijnen van onderzoek, instapmomenten, meetellen in-kind bijdragen MKB, enz.
  7. Overgangsperiode – De overgang van TTI’s, en de inbedding van haar succesfactoren in TKI’s zal drie tot vier jaar in beslag nemen. Uiteraard faciliteert de overheid dit proces middels gerichte financiering en verlegging van prioriteiten binnen bestaande financieringsprogramma’s.

Grote zorgvuldigheid is gewenst om de continuïteit van lopende onderzoek te garanderen maar ook om er voor te zorgen dat de grote verworvenheden van TTI’s zoals genoemd in de eerste paragraaf blijven bestaan in de huidige kennisinfrastructuur.

Voor velen bekend maar toch nog even een overzicht van de negen topsectoren: tuinbouw en uitgangsmaterialen; agri & food; water; life sciences & health; chemie; high tech & smart materials; energie; logistiek en creatieve industrie.

Internationalisering en innovatie

Met mijn achtergrond ben ik benieuwd naar de internationale context wanneer het gaat om samenwerking tussen partijen, met als doel kennisuitwisseling, valorisatie, innovatie en economische ontwikkeling. Internationalisering is meer dan alleen export. Ook import en buitenlandse investeringen doelen op internationalisering. Maar volledige internationalisering duidt erop dat alle taken binnen een bedrijf ook internationaal (kunnen) worden uitgevoerd. R&D is daar een goed voorbeeld van.  Om de juiste of beste kennis binnen te halen is het nodig over de grenzen te kijken.

5 o’s

Het ‘Triple Helix’ model zoals ik dat in een vorige column besprak kent de drie dimensies overheid, onderwijs en ondernemers maar spreekt verder niet expliciet over internationalisering. Het model wordt tegenwoordig uitgebreid naar 5 o’s. Bijvoorbeeld onderzoek en (maatschappelijke) organisaties worden als poot aan het model toegevoegd. Maar nog steeds blijft het een tweedimensionaal model waarin één of twee elementen meer een rol spelen. Internationalisering zou een extra, derde dimensie aan het ‘Triple Helix’ model kunnen geven.

Correlatie internationalisering en innovatie

Literatuurstudie geeft aan dat er onderzoek is gedaan naar het verband tussen innovatie systemen en internationalisering. Een onderzoek van Kafouros1 in de UK geeft aan dat niet alleen de grootte van een bedrijf en technologische mogelijkheden maar ook de mate van internationalisering positief is voor de innovatieve capaciteit van een bedrijf. En dit stelt bedrijven vervolgens weer in staat concurrentievoordeel op te bouwen. Ook Altomonte2 stelt in een onderzoek in 7 landen dat er sterk bewijs bestaat voor positieve correlatie tussen innovatie, internationalisering en productiviteit. De onderzoeker adviseert op nationaal en europees niveau het beleid voor innovatie en voor internationalisering niet apart te ontwikkelen maar juist te combineren.

Deze conclusie wordt overgenomen door Prince en Hessels3 in een studie van het Economisch Instituut Midden- en Kleinbedrijf. Deze studie komt met empirische voorbeelden uit de Nederlandse praktijk. Naar aanleiding hiervan is het voorstel om regelingen met als doel exportbevordering of internationalisering uit te breiden met modules voor innovatie. En anderzijds regelingen met als doel bevordering van innovatie uit te breiden met de mogelijkheid dit in internationale context uit te voeren. Carlsson4 voegt hier aan toe dat nationale organisaties die zich bezighouden met het stimuleren van innovatie hier vooral mee door moeten gaan ook al vindt de innovatie zelf steeds vaker in internationale context plaats.

Internationalisering als basis

Deze laatste 3 studies kijken vooral naar de inspanningen van overheid en instanties die zich bezighouden met bevordering van innovatie en/of internationalisering. Een studie van Wahid5 kijkt naar de rol van de mate van internationalisering bij bedrijven. Het resultaat van die studie zegt dat er positieve en significante relatie is tussen innovatie en de resultaten van een bedrijf. Internationalisering op zichzelf heeft een positief effect, ook is er invloed van internationalisering op de vorm en de kracht van de relatie tussen innovatie en bedrijfsresultaten. Analytisch gezien is het zo dat onderzoek naar verband tussen innovatie en bedrijfsresultaten geen zin heeft wanneer internationalisering niet in de analyse wordt meegenomen. Meer praktisch gezien, voor het management: inspanningen moeten niet alleen gericht zijn op innovatie maar ook op internationalisering, juist om maximaal te kunnen profiteren van de inspanning op het gebied van innovatie.

Internationalisering van projecten, altijd en overal

Kortom, voldoende aanleiding om de vele initiatieven en projecten op het gebied van valorisatie, en samenwerking onderwijs, overheid en ondernemers in internationale context te plaatsen. En daarmee bedoel ik dat programma managers bewust internationale partijen aan hun initiatief moeten toevoegen, ook al lijkt het project zich daar in eerste instantie niet voor te lenen. Denk zelf eens aan een aantal projecten, en bedenk dan of en zo ja, hoe de internationale paragraaf van het project is ingevuld.

1 Kafouros, M.I. and Buckley, P.J. and Sharp, J.A. and Wang, C.Q. (2008) The role of internationalization in explaining innovation performance. Technovation, 28 (1-2). pp. 63-74.

2 Altomonte, C., Aquilante, T., Békés, G. and Ottaviano, G. I.P. (2013), Internationalization and innovation of firms: evidence and policy. Economic Policy, 28: 663–700

3 Innovationalisering!?! – het mes snijdt aan twee kanten, door dr. Y.M. Prince en drs. S.J.A. Hessels, http://lyt.sr/khphl

4 Internationalization of innovation systems: A survey of the literature, Bo Carlsson

5 Innovation-Performance relationship: the moderating role of the Degree of Internationalization of a firm, Fazli Wahid

Knowledge transfer en technology transfer: 2 vakgebieden?

Wat opvalt in de aims & scope van  het tijdschrift The Journal of Innovation Impact is dat de term ‘technology transfer’ pas in de laatste regel wordt genoemd. Kennelijk is er sprake van 2 vakgebieden: knowledge transfer en technology transfer. Natuurlijk valt dit niet te concluderen op basis van deze ene constatering. Verdere bestudering van de aims & scope resulteert in 4 te onderscheiden invalshoeken, waarmee we verder naar het verschil (of niet) tussen knowledge transfer en technology transfer kunnen kijken:

1         Knowledge transfer als vakgebied

Hierbij wordt bedoeld het proces van de overdracht van kennis, wat er aan ten grondslag ligt, welke modellen er zijn, hoe dit wordt georganiseerd en het menselijke aspect. Wanneer knowledge management gaat over interne organisatie van toegang tot en beheer van kennis gaat knowledge transfer als vakgebied wellicht o.a. over organisatie van uitwisseling van kennis, niet binnen organisaties, maar tussen organisaties onderling.

2         De relatie met innovatie

De relatie tussen knowledge transfer en innovatie is essentieel. Innovatie is het gevolg van valorisatie. Maar dat is te vrijblijvend. Beter is het te zeggen dat innovatie het primaire doel moet zijn van valorisatie.

3         De uitwerking van de resultaten van knowledge transfer

Innovatie gaat over in productontwikkeling en uiteindelijk ontwikkeling van de (regionale) economie. Maar dit gebeurt niet spontaan. Het traject van kennis, innovatie, producten naar ontwikkeling voert langs tal van vormen van organisatie die zich bezig houden met ‘het voortbewegen van de kennis’: incubators, broedplaatsen, spin-outs, MKB.

Kanttekening: deze organisaties bestaan in zowel knowledge transfer als technology transfer. 2e kanttekening: in dit kader wordt ook wel genoemd: graduate employability of innovative pedagogies ofwel hoe krijg je de student aan de slag.

4         De partners bij knowledge transfer

Niet alleen is er sprake van veel verschillende, mogelijke partners (overheid, bedrijfsleven, consultancy, semi-overheidsinstellingen), ook is er sprake van veel verschillende vormen van samenwerking. Dit kan gaan om uitwisseling, fusie, contractueel vastgelegd of juist niet, internationaal of juist niet, kortom veel opties, veel varianten.

Zeker is dat het inherent is aan knowledge transfer dat er 2 of meer partijen bij zijn betrokken. Immers, zonder samenwerking geen transfer van kennis. En dat komt natuurlijk omdat de kerntaak van de verschillende partners steeds een andere is: de overheid zorgt dat het speelveld klaar ligt (zie bijv. topsectoren beleid), onderwijs levert de kennis, maar meer nog: de ontwikkeling van kennis. En om dat te kunnen doen is veelvuldig uitwisseling met bedrijfsleven en andere organisaties nodig.

Verschil

Is er verschil tussen knowledge transfer en technology transfer op basis van deze invalshoeken?

Overdracht van kennis of technologie? Er zal verschil bestaan, zeker in termen van initiële investeringen. Om producten te ontwikkelen in een laboratorium omgeving is veel en dure apparatuur nodig.

Relatie met innovatie? Directe doelstelling van kennisoverdracht is innovatie. Zowel in technologie als in niet technologische disciplines blijft dat doel hetzelfde.

Uitwerking van resultaten? Ook hier wellicht verschil in karakter maar in wezen hetzelfde.

Partners? Verschil in karakter maar beide hebben partners nodig.

Technology transfer

Technologie is één van de, zo niet de belangrijkste, peilers onder innovatie en economische ontwikkeling. En technology transfer is ook veel meer tastbaar dan knowledge transfer. Immers, het product heb je in je hand of je kunt het aanwijzen. Toch komt er meer bij kijken: immers het vertalen van een idee in een product is niet eenvoudig. Daarvoor is meer nodig dan alleen kennis over het product, de technologie. Rondom de technologie is ook veel kennis. Wat gebeurt daarmee bij technology transfer? Dit is kennis die je meegeleverd krijgt bij de technologie. Of het is kennis die later nodig is in het proces. Vanaf het moment dat je besluit dat er een product mogelijk is.

Er zijn veel vakgebieden waar je geen tastbaar product kunt aanwijzen. Eerder een dienst. Daarvoor zal de term knowledge transfer de voorkeur hebben. Maar uiteindelijk is het doel van beide hetzelfde: innovatie, ontwikkeling, groei.

Conclusie

Het gaat om kennis, of die nu technologisch is of niet. Dus voorzichtig gesteld:  knowledge transfer is de overall benaming voor het vakgebied. Daarbinnen vormt technologie de grootste component vormt. Wellicht 60-70%. Technology transfer vormt daarmee het belangrijkste onderdeel van knowledge transfer. Het zijn dus niet 2 vakgebieden naast elkaar.