Home » Posts tagged 'bottom-up'

Tag Archives: bottom-up

Kennis krijgt Kracht

De 4 P’s maar dan anders – MVO Ambitie 2020

Ambitie 2020 (zie referentie) is het initiatief van MVO Nederland om een forse stap te zetten naar een circulaire, inclusieve economie in 2020. Kort samengevat betekent dit een economie waarbij ieders talent (PEOPLE) en elke grondstof (PLANET) zorgvuldig worden ingezet. MVO legt de bal bij ondernemers en weet dat zij die alleen zullen oppikken wanneer innovatieve duurzame ambities ook een gezonde winst opleveren (PROFIT). Om het initiatief uit te rollen heeft Koning Willem Alexander tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst van MVO het PLATFORM Ambitie 2020 in gebruik genomen. Tegelijkertijd werd het rapport Ambitie 2020 gepubliceerd. Niet alleen bedrijven maar ook alle kennisinstellingen en overheden in Nederland kunnen hiermee aan de slag. Het plan biedt zoveel openingen, raakvlakken dat elke organisatie op zijn minst kan nadenken over de vraag wat dit voor hun eigen organisatie betekent. MVO heeft wat dat betreft de wind mee: 80% van de bedrijven en instellingen wil duurzaam ondernemen.

Check welk raakvlak jouw organisatie heeft met de thema's en issues in Ambitie 2020

Nederland als voorbeeld land

Met Ambitie 2020 wil MVO dat Nederland het voorbeeld in de wereld wordt van een circulaire en inclusieve economie. En via het platform initiatieven delen die zorgen voor een balans tussen people, planet en profit. Deze focus biedt bedrijven en organisaties veel kansen. En de urgentie is groot: grote vraagstukken als voedselvoorziening, energie, mobiliteit vragen nu aktie om oplossingen te vinden voor de toekomst.

Thema’s vastgesteld

Met het rapport Ambitie 2020 informeert MVO over het ‘huiswerk’ dat tot nu toe is gedaan. Uitgangspunt daarvoor was het rapport Vision 2020 van het World Business Council for Sustainable Development (WBCSD). Gekozen is een achttal inhoudelijke thema’s te kiezen die als focus dienen om te komen tot stappen om doelstellingen te gaan halen. Deze zijn:

Inhoudelijk thema’s

  • Water (stijgende vraag naar water, beschikbaarheid en kwaliteit van water)
  • Energie en klimaat (vraag naar energie, klimaatverandering)
  • Voedsel (beschikbaarheid van voedsel, uitputting landbouwgrond)
  • Werken (arbeidsomstandigheden, schaarste, disbalans)
  • Materialen en ecosystemen (omgaan met schaarse grondstoffen)
  • Gezondheid (toegang tot zorg, zorgsysteem onbetaalbaar)
  • Mobiliteit (slimmere, efficiëntere en zuinigere invulling van mobiliteit)
  • Basisbehoeften, menselijke ontwikkeling (voorzien in basisbehoeften)

Proces thema’s

  • Transparantie
  • Financiering
  • ICT
  • Communicatie en gedragsbeïnvloeding
  • Kennis en onderzoek
  • (Sociale) innovatie en businessmodellen

De proces thema’s bieden verschillende perspectieven op de inhoudelijke thema’s. Combinaties van (meerdere) inhoudelijke en proces thema’s zullen allerlei kansen gaan blootleggen waar bedrijven op kunnen inspringen. Het rapport bespreekt vervolgens zowel de inhoudelijke als de procesthema’s. Per thema worden issues benoemd en vervolgens oplossingsrichtingen. Daarna worden de rol van en de kansen voor het Nederlandse bedrijfsleven genoemd. Tenslotte worden al bestaande initiatieven en best practices behandeld. En worden per issue de ambities genoemd, maar dan in zeer concrete vorm: welke zijn de Key Performance Indicators en hoe wordt verandering gemeten. Uiteraard zal het volgen van de KPI’s de basis vormen voor verantwoording in de toekomst.

Verdere stappen

Voor de komende maanden wil MVO in eerste instantie de thema’s verder inventariseren met behulp van de vele partners die zich hebben aangemeld. Daarna worden met bedrijven en organisaties concrete programma’s uitgewerkt. Tegelijkertijd blijft de ambitie om zoveel mogelijk bedrijven te betrekken in alle initiatieven en het aantal en impact van de ambities uit te breiden. Over een half jaar komt dan het tweede Ambitie 2020 rapport uit met voorstellen voor volgende concrete stappen. Bedrijven kunnen zich aanmelden als ambitiepartner en om deelprojecten op gang te helpen worden zogenaamde ambitie coalities gevormd. Alles om de gang er in te houden. En op het platform zijn ook de vorderingen te volgen, zowel als het gaat om bedrijven die zich nieuw aanmelden als de stappen die worden gezet in de verschillende projecten.

Conclusie

Al met al een mooie manier om vanuit de economische realiteit te werken aan duurzame doelstellingen. Voor alle partijen (ondernemers, onderwijs/onderzoek, overheid, maatschappelijke organisaties en het publiek) genoeg aanknopingspunten om hiermee aan de slag te gaan. En voor kennisinstellingen een mooie mogelijkheid om hun kennis tot waarde te brengen, waarbij men kan rekenen op breed draagvlak in de maatschappij. Een voordeel van deze aanpak is ook de bottom-up benadering. Alhoewel het kader is vastgelegd middels thema’s zijn het toch vooral de bedrijven zelf die over de brug moeten komen. Maar gezien het enthousiasme bij de publicatie van de plannen zal het daar niet aan liggen.

Referentie:

Ambitie 2020 – Nederland voorbeeld van een circulaire en inclusieve economie

Smart Cities: onderwerp van onderzoek of bron van kennis?

Op 12 november organiseerde de Club van Maarssen de Innovatie Estafette. De Club van Maarssen is een door de overheid gefaciliteerde community van overheden, kennisinstellingen en bedrijven op het gebied van infrastructuur en milieu. De drie thema’s van de dag: Circular Economy, Green Transport en Smart Cities. Over dat laatste wil ik het hebben. Kort samengevat: Smart Cities zijn steden die met behulp van nieuwe technologie, open data, ICT, sociale innovatie enz. beogen in transitie te zijn naar een Smart City. Stedelijke uitdagingen als milieu, energie, transport worden door nieuwe verbindingen tussen burgers, bedrijven en overheid met behulp van technologie aangepakt.

Topdown

Het was een geslaagd congres: prima locatie, een strak programma, strakke pakken, gelikte presentaties en glossy promotiemateriaal. Op een beurs werden diversen nieuwe ontwikkelingen getoond. En als kers op de taart: diversen staatssecretarissen en ministers deden hun zegje. Een geslaagd geheel maar toch wel duidelijk met een topdown benadering van de onderwerpen. De ideeën worden verzameld door, en vanuit de ministeries verspreid. Met als doel dat op termijn liefst zoveel mogelijk steden zich conformeren aan, en meedoen aan de plannen. Uiteraard in goed overleg met die steden. Op zich niks mis mee.

Bottom-up

Er zijn ook echter ook voorbeelden van een bottom-up benadering. In Amsterdam wordt door Pakhuis de Zwijger gewerkt aan ‘Nieuw Amsterdam’. De kracht van dit programma komt uit het verzamelen en stimuleren van initiatieven van de bewoners zelf. In Rotterdam wordt meegewerkt aan dit programma door de vestiging van Stadsambassade Rotterdam. Er word volop uitgewisseld want ideeën zijn meestal niet gebonden aan één specifieke stad. Aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam is professor Jan Rotmans actief op het gebied van transitiemanagement. Hij hanteert de term Economie 3.0. Dit staat voor bottom-up, kleinschalige initiatieven, circulair, biobased en nieuwe maakindustrie. Bij deze initiatiefnemers (de lijst is zeker niet uitputtend) zijn de kernwoorden: ontmoeten, kunst, creativiteit, inspiratie, inrichten, nieuw manieren van werken, bedrijvigheid, broedplaatsen, vasthouden talent. Dit alles met als doel het herontwerpen van de stad waardoor transitie wordt nagestreefd naar een duurzame samenleving, waarvoor stadsbewoners, overheid en bedrijven gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen. Verschil met de benadering van de Club van Maarssen is dat elk burgerinitiatief telt, hoe klein ook, omdat het altijd het potentieel kan hebben uit te groeien tot een breed gedragen initiatief in de gehele stad.

Civil Society als vierde partij

Twee benaderingen die één en hetzelfde doel nastreven: transitie van de stad naar een smart city. Natuurlijk is er overlap tussen de topdown en de bottom-up benadering. Op veel sub-terreinen zal de aanpak niet veel verschillen. Tenslotte zijn in beide gevallen de 3 bekende instituten van de partij: ondernemers, overheid en onderwijs, zij het in sommige gevallen van een ander niveau. Bij de topdown benadering zal de landelijke overheid een rol spelen, bij de bottom-up benadering meestal de lokale overheid. In het geval van de bottom-up benadering is duidelijk één partij extra aanwezig: de burger. In het Quadruple Helix model wordt deze vierde partij of vierde helix ‘Civil Society’ genoemd, zeg maar de maatschappij als verzameling van al haar burgers, in dit geval de bewoners van een stad.

Smart Cities zijn beide

Zowel onderwerp van onderzoek als bron van kennis, bedoel ik. ‘Smart City’ is een term die herkenbaar is. Waarbij iedereen begrijpt waar men naar toe wil. Het is dus eenvoudig om allerlei onderzoeksinitiatieven te koppelen aan de gemene deler ‘Smart City’. Denk aan renewable energie, transport, sociale innovatie om een paar te noemen. Iedereen kan zich voorstellen dat binnen de stad daarvoor specifieke projecten worden opgezet en dat de overheid bereid is daarvoor flink te faciliteren, lees financieren.

Daarnaast zijn steden uiteraard uitermate geschikt als broedplaats voor nieuwe initiatieven. Creativiteit, ondernemerschap kunnen dichtbij elkaar worden georganiseerd en elkaar stimuleren tot innovatieve ontwikkelingen op allerlei terrein. Goed georganiseerd kan de stad dus ook een stad zijn die slimheid tot zijn recht laat komen en daarmee een ’Double Smart City’ zijn. Enerzijds laat men de stad onderwerp zijn van nieuwe ontwikkelingen, anderzijds stimuleert men het ontstaan van nieuwe ontwikkelingen vanuit de stad. Dit gaat uiteraard prima samen. Het versterkt elkaar. Sterker nog, veel van de ideeën om hun stad een Smart City te laten zijn, zullen uit de stedelijke broedplaatsen komen.